Anita Andriesen - 'Over kanker'
"Op verzoek van Wilma Kamphorst dit verhaal voor de website van het Toon Hermanshuis. Wilma had overigens een prachtig en krachtig interview in de Leeuwarder Courant van 24 maart 2007; ik kan iedereen aanbevelen dat te lezen.
Ik hoop zó dat het Toon Hermanshuis voor kankerpatiënten en hun familie er komt in Fryslân. Waar ik kan helpen zal ik dat graag doen, dat heb ik ook op de benefietavond op 7 februari jl. in Post Plaza/Leeuwarden gezegd.
Het is zó belangrijk dat er een plek is waar je je verhaal kunt vertellen, waar er naar je geluisterd wordt, waar jijzelf de verhalen van anderen, lotgenoten, kunt horen. Een plek waar ruimte is voor je naasten, die óók een beetje kankerpatiënt zijn maar vaak vergeten worden. Van hen wordt gevraagd jou als patiënt te steunen maar ze zitten zelf ook met verdriet, vragen en onzekerheden en krijgen gemiddeld daar te weinig aandacht voor.
Ik kreeg borstkanker in augustus 2003. Op de ‘dag van de borstkanker’, 1 oktober, werd ik geopereerd. Ik had gekozen voor een amputatie, tegen de wil van de artsen in (die een borstsparende behandeling vertrouwd genoeg vonden). Ik dacht dat ik mijn kansen met een amputatie zou vergroten.
Toen ik vorig jaar een vriendin had die ineens terminaal werd en in het Anthonie van Leeuwenhoekziekenhuis (AvL) in Amsterdam te horen kreeg dat ze met de wetenschap van vandaag de dag destijds aanvullende behandelingen (hormoontabletten, een lichte chemo) zou hebben gekregen, ben ik óók alsnog naar het AvL gegaan voor een second opinion.
En heel apart, op hetzelfde moment had ik nieuwe klachten die in het AvL werden onderzocht en mijn borstkanker van 2003 bleek uitgezaaid te zijn. Je weet acuut in welke statistieken je valt: niet langer 90% kans om tenminste 10 jaar ‘schoon’ te blijven, maar je hoort dus bij die 10% die binnen 10 jaar nieuwe problemen krijgt. Uitgezaaide kanker is bovendien ongeneeslijk, daar waren de dokters in Amsterdam helder over. Ik ben dus overgestapt van Leeuwarden naar Amsterdam, vanwege te weinig vertrouwen tussen de artsen en mij, van twee kanten.
Opnieuw een diep zwart gat waar je in valt, dieper dan de vorige keer omdat je wéét dat je tijd van leven nu écht beperkt is geworden. Terwijl ik dit zit te typen staan de tranen weer in m’n ogen. Je kinderen die nog aan het opgroeien zijn, en je wordt met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid géén oma … Je zit je kinderen ineens ánders te bekijken ….
Maar ook nu, nét als in 2003, de vechtlust om het zo lang mogelijk uit te houden. Hulp zoeken, óók in het alternatieve circuit, hoewel de ‘Vereniging tegen de Kwakzalverij’ nota bene ín het AvL gehuisvest is. Nú, een jaar later, worden de oncologen in mijn richting íets positiever, ze zien dat de sterke vitaminepreparaten die ik slik, vloeibare homeopatische medicijnen tégen vermoeidheid, dat het bij mij helpt en ze zeggen nú dat, als ik er baat bij heb, er maar mee door moet gaan. Nou, dat zou ik tóch wel doen ook als ze het niet zouden zeggen !
Juist nú beleef ik het leven véél intenser, denk ik na over mijn toekomst en hoe ik die wil. Alles hoeft niet groots en meeslepend en op de lange termijn te zijn (misschien een vreemde uitspraak voor een politica). Nee, juist in het kleine zit het mooie: genieten van een lekker bakje koffie, fluitende vogels, een zonsondergang, een persoonlijk gesprekje met iemand …..
Juist nú is het werk afleiding geworden, heb ik een visie als het gaat om de toekomst Fryslân en heb ik boodschappen te vertellen. Ik kan er ook crue grappen over maken: vorig jaar toen ik toespraken moest houden over de toekomst van Fryslân-in-2025 was ik geëmotioneerd: ík zal daar naar alle waarschijnlijkheid niet bij zijn. Nu denk en zeg ik soms: jongens, niemand kan me beschuldigen van eigenbelang, ik doe het niet voor mezelf maar voor júllie.
Juist nú heb ik een scherp beeld voor ogen (ik heb het ook op een schilderijtje laten vastleggen): in het weiland van mijn leven staat nu een hek waar ik niet meer overheen zal komen. Het weiland achter het hek is een groot, groen grasveld. Maar in het weiland vóór het hek staan pinkster- en boterbloemen, er liggen kievitseieren en óp het hek staat een grutto mooi te wezen. Ik kan twee dingen doen: me focussen op het weiland áchter het hek of genieten van het weiland vóór het hek; dát geeft kwaliteit aan mijn leven en ik kan het weiland áchter het hek misschien ook nog wel (meer) kwaliteit meegeven.
En juist nú wil ik iedereen die kanker krijgt meegeven dat je moet, mág genieten van alles wat je aangeboden krijgt, álles wat je om je heen ziet gebeuren. Níet piekeren over morgen of overmorgen wanneer je ziekte terug kan komen of erger zal worden, morgen of overmorgen is dan vroeg genoeg om te piekeren maar vandáág mag je genieten. En dat wil níet zeggen dat je thuis op de bank niet eens een lekker potje mag huilen om alles wat je verloren bent aan gezondheid, onbezorgdheid enz. Huilen lucht op.
Belangrijk vind ik óók om regie over m’n eigen leven houden: ik laat met niet afleiden door mensen die zogenaamd uit bezorgdheid zeggen dat ze met mij geen debatten kunnen voeren omdat ik wel eens geëmotioneerd ben. Logisch, dingen raken mij anders dan vroeger maar mijn werk heeft meer dan genoeg kwaliteit en daar let ik zélf scherp op.
Ik wens mezelf en iedereen die dit leest veel kwaliteit-van-leven toe. Want hoe lang of hoe kort het leven, mijn en jouw leven ook is, het gaat erom dat we er wat van maken.
Hartelijke groet
Anita Andriesen
gedeputeerde van de provincie Fryslân"
Naschrift:
Anita Andriesen overleed op 3 december 2008.